Hermanna Steen

“Ik stond boven op een berg te genieten van het uitzicht, maar wel alleen”

Mevrouw Hermanna Steen is na zes weken bijna zó ver dat ze de revalidatieafdeling V2.6 van IJsselheem de Isala kan verlaten. Lopend. Na een gecompliceerde beenbreuk heeft mevrouw Steen er gerevalideerd. Haar doel was om weer zo zelfstandig mogelijk haar leven op te kunnen pakken in de Meente in Genemuiden. En dat is gelukt. “Lekker weer naar huis in mijn eigen spullen. Daar verlang ik naar. Maar de heerlijke verse groenten in het restaurant van de revalidatie, die zal ik wel missen!

Revalideren is goed bevallen

“Het revalideren is me goed bevallen, al kom je hier niet voor je plezier. Kundig personeel en allervriendelijkst. De dagen duren wel lang, want als je klaar bent met therapie,  is er niet zo heel veel te doen. Ik was verrast dat ik bezoek kreeg van een verzorgende van De Meente. Ze kwam zó maar even langs omdat ze met haar dochter in het ziekenhuis moest zijn. Dat is toch lief. Mijn kinderen en kleinkinderen komen ook veel op bezoek. Ik heb hier meer aanloop dan wanneer ik gewoon in De Meente ben… dat mogen ze wel volhouden!”, lacht mevrouw Steen.

Bezoek de locatie De Meente

Familie vind ik belangrijk

Alle verjaardagen zijn bekend

Zeven zonen

Mevrouw Steen (geboren Grolleman) is een echte Hasseltse maar al heel lang inwoner van Genemuiden. Zij heeft zeven zonen, vijftien kleinkinderen en het negende achterkleinkind is op komst. De verjaardagen van alle kinderen en kleinkinderen houdt ze bij. “Van de aanhang weet ik de data van verjaardagen niet uit het hoofd, hoor. Familie vind ik belangrijk. Naarmate je ouder wordt ga je dat steeds meer waarderen.  Ik denk er vaak aan hoe sterk de band was tussen de jongens toen ze jong waren. Altijd voor elkaar opkomen. Met mijn eerste man, Willem Bellinga, heb ik een mooi leven opgebouwd. Hij kreeg een baan als onderhoudsmonteur in Genemuiden en we verhuisden vanuit Hasselt dichterbij het werk. Het was geen vetpot, maar met sinterklaas was er voor al onze kinderen een cadeautje en met oud-en-nieuw bakten we volop oliebollen.

We hebben acht zonen gekregen. Al dacht ik bij de middelste zeker te weten dat het een meisje werd. Die zwangerschap voelde anders. Ik had alles in het roze!

Eén jongetje is gestorven aan de griep toen hij tien maanden was. Zijn broertje van toen drie kon dat maar niet begrijpen. We kregen hem niet uitgelegd wat dood-zijn betekende. Het eerstvolgende kindje kreeg dezelfde naam als het overleden broertje, dat was toen gebruikelijk. Dit gaf nog meer verwarring. Ik weet niet hoe het komt, maar ik nu ik oud ben moet vaker aan mijn overleden zoontje denken dan vroeger. Meer tijd om na te denken misschien?”

Alleen op een berg

Toen mevrouw Steen nog geen vijftig was, overleed haar Willem. Ze bleef na dertig jaar huwelijk alleen achter, verdrietig maar ook sterk. Sommige kinderen gingen nog naar school, anderen werkten al. Allemaal steunden ze hun moeder. Van één van de jongens kreeg ze een vakantie aangeboden. Ze had lange tijd voor hem gekookt en zijn huis schoongehouden. “Als moeder help je je kinderen wanneer het nodig is. Die vakantie was een cadeautje. Prachtig hoor, naar Oostenrijk. En toen stond ik boven op een berg te genieten van het uitzicht. Maar wel alleen. Dat moment vergeet ik niet meer.”

Niet veel later stelde ze zich open voor nieuwe mogelijkheden en ontmoette ze buschauffeur Jan Steen, een weduwnaar zonder kinderen. Na wat voorzichtige ontmoetingen werd het liefde! In het jaar dat ze 65 werd, besloten ze te trouwen. Zo werd mevrouw Bellinga mevrouw Steen.

“Jan viel zó maar in dat grote gezin van mij. Hij was een lieve, tolerante man. Hij kon heel goed opschieten met de kinderen, al hebben ze hem in het begin wel flink voor de gek gehouden en uitgeprobeerd. De oudste kleinkinderen hebben destijds samen overlegd hoe ze hem gingen noemen. Ze besloten dat hij hun Opa Jan zou zijn. Hij was een echte opa

voor de kleinkinderen en achterkleinkinderen. Ik zie hem nog zitten met een pasgeboren kleindochter op schoot. Voor het eerst in zijn leven een baby in zijn armen. Hij was zó ontroerd!”

 

Draai vinden

Mevrouw Steen spreekt in de verleden tijd over Jan Steen. In juli 2013 overleed hij aan de gevolgen van een val. Na een prachtig tweede huwelijk dat negentien jaar mocht duren, is mevrouw Steen weer alleen.

“We hebben mooie jaren gehad, reisjes gemaakt en genoten van het leven. Drie jaar geleden zijn we samen in de Meente komen wonen omdat we allebei wat hulp nodig hadden. In de Meente doe ik mee aan veel activiteiten. Daar heb ik wel weer zin in na de revalidatieperiode. Ik blijf aangewezen op rollator en scootmobiel, net als voorheen. Daar ben ik aan gewend. Ik moet mijn draai weer zien te vinden. Dat valt nog niet mee in mijn eentje.”

 

 

 

Bekijk hier de verhalen van andere bewoners